‘Groot genoeg voor alle disciplines, klein genoeg om onszelf te blijven’

Tamek kiest bewust een andere route dan veel kantoren in de accountancymarkt. Geen groei om de groei en geen landelijke dekking als doel. Het kantoor wil vanuit de eigen regio verder bouwen, dicht bij klanten en medewerkers en met volop ruimte voor ondernemerschap. Tegelijkertijd staat Tamek bepaald niet stil. Met een jonge directie, investeringen in een eigen AI-omgeving en ruimte voor nieuwe initiatieven wordt volop gebouwd aan de toekomst. Niet groter worden omdat het moet, maar blijven ontwikkelen op een manier die bij Tamek past.

Ruimte om ondernemer te worden

Voor Bianca Boogerd is Tamek meer dan alleen het kantoor waar ze inmiddels bijna twintig jaar werkt. Haar vader stond mede aan de basis van de organisatie. Zelf maakt ze deel uit van de vijfkoppige directie, samen met onder anderen de 35-jarige Alwin van de Wetering. Tamek stimuleert ondernemerschap bewust binnen de eigen organisatie. Medewerkers die de ambitie én kwaliteiten hebben, krijgen de ruimte verant­ woorde­lijkheid te pakken en

uiteindelijk ook te participeren. Van de Wetering is daar een mooi voorbeeld van. Hij kwam tien jaar geleden bij Tamek binnen, kocht in 2023 zijn eerste aandelen en trad dit jaar toe tot de directie. “Ik heb altijd al de ambitie gehad te ondernemen en heb ook een tijd met de gedachte rondgelopen om een eigen kantoor te starten”, vertelt Van de Wetering. “Maar ik werk graag samen met anderen.

Een kantoor in mijn eentje zag ik daarom uiteindelijk niet zo zitten.” Voor Boogerd is het belangrijk tijdig te kijken naar mensen die op langere termijn bij de organisatie passen en mee willen ondernemen. Zelf is ze pas 49 en staat ze nog midden in de organisatie, maar juist daarom vindt ze het belangrijk om daar vroeg mee bezig te zijn. “Ik denk dat heel veel kantoren de fout maken dat ze daarin te laat schakelen.”

Groeien waar je al sterk bent

Tamek telt ongeveer 90 medewerkers, verdeeld over Kampen, Zwolle en Meppel. Kampen is met circa 60 medewerkers de grootste vestiging; in Zwolle en Meppel werken er ieder ongeveer 15. De ambitie is die laatste twee

locaties verder uit te bouwen naar ongeveer 30 medewerkers. Een omvang van rond de 120 medewerkers zou daarmee over een aantal jaren een logische volgende stap kunnen zijn. Maar groei is nadrukkelijk geen doel op zich. Tamek krijgt regelmatig kantoren aangeboden, maar kiest op dit moment vooral voor autonome groei. “Werk is in deze markt het probleem niet”, zegt Boogerd. “Er is heel veel werk. Goede mensen, dát is het probleem.” Door Zwolle en Meppel verder te versterken, kunnen ook daar steeds meer disciplines worden aangeboden. Tamek heeft onder meer een controlepraktijk, fiscale praktijk, samenstelpraktijk, loonadministratie en juridische expertise in huis.

De regio als thuisbasis

Het regionale karakter speelt daarin een belangrijke rol. Tamek wil niet alleen werken ín de regio, maar er ook echt onderdeel van zijn. Het kantoor is zichtbaar bij lokale sportverenigingen en ondersteunt medewerkers die zich daar vrijwillig inzetten. “We vinden het belangrijk iets terug te doen voor de omgeving waarin we wonen en werken”, zegt Van de Wetering. Die regionale betrokkenheid helpt ook bij het vinden van nieuwe medewerkers. Tamek werkt al jarenlang samen met Windesheim en ontvangt ieder jaar accountancystudenten op kantoor om kennis te maken met Tamek en het vak. Daarna houdt Van de Wetering bewust contact met studenten die bij het kantoor passen. Soms jarenlang. Wanneer zij later op zoek gaan naar een werkgever, kennen ze Tamek dus vaak al. Ook voor ervaren accountants blijkt het regionale karakter aantrekkelijk. Niet iedereen zoekt een omgeving waarin groter worden en steeds verder opschalen centraal staan. Volgens Van de Wetering zijn er juist goede professionals die kiezen

voor een kantoor met korte lijnen, persoonlijke relaties, inhoudelijk interessant werk en de ruimte om hun vak op hun eigen manier goed uit te oefenen. Mede daardoor maken ook ervaren accountants geregeld de overstap naar Tamek.

De stagiair die er bijna uitvloog

Ook op technologisch gebied kiest Tamek zijn eigen weg. Ongeveer een jaar geleden besloot het kantoor te investeren in een eigen AI-server die lokaal draait. Daardoor kan Tamek ook met gevoelige klantdata werken zonder dat die gegevens de eigen omgeving verlaten. Een medewerker met veel interesse in AI kreeg budget, hardware en vooral de vrijheid om te gaan bouwen en experimenteren.

Intern kreeg het AI-programma de bijnaam ‘de StagiAIr’. “We noemen hem bewust zo, zodat iedereen weet dat je kritisch moet blijven lezen wat ‘de stagiair’ uitspuugt”, zegt Boogerd. En die stagiair had zijn proeftijd bijna niet overleefd. Lange tijd bleef de praktische opbrengst achter. “Drie, vier maanden geleden

dachten we echt: laten we de stekker eruit trekken, want het leidt tot niks praktisch.” Gelukkig gebeurde dat niet. Inmiddels kan het AI-programma documenten samenvatten en uitlezen, geluids­ fragmenten omzetten naar tekst en ondersteunen bij concrete accountancy­werkzaamheden.

“Ik ben heel blij dat we niet zijn gestopt. Als je ziet wat hij nu allemaal kan, is het niet normaal.” Voor Tamek zit daar een belangrijk

deel van de winst. Het kantoor heeft meer dan genoeg werk en moet op dit moment zelfs regelmatig nee verkopen aan nieuwe klanten omdat de capaciteit ontbreekt. Als AI een deel van het handmatige werk uit handen neemt, ontstaat ruimte om met hetzelfde aantal mensen meer klanten te bedienen. Technologie wordt daarmee geen vervanger van de accountant, maar een manier om de beschikbare capaciteit slimmer in te zetten.

Wat is een goed advies waard?

Tamek heeft een duidelijk uitgangspunt als het om uren gaat: schrijf eerlijk wat je daadwerkelijk aan een klant hebt besteed. “Wij stelen niet van onze klanten”, zegt Boogerd. Een half uur gewerkt betekent dus in principe ook een half uur geschreven. Het kantoor werkt bewust niet met harde productiviteitstargets die medewerkers kunnen verleiden om vooral aan een urennorm te voldoen. Maar AI verandert wel de manier waarop je naar die uren kijkt. Want wat als een fiscalist dankzij AI in een half uur een goed advies kan maken waar voorheen veel meer tijd voor nodig was? De klant profiteert van de snelheid, maar Tamek investeert tegelijkertijd fors in de technologie die dat mogelijk maakt. Alleen al de eigen AI-server kostte circa 50.000 euro. Daarmee verschuift de vraag langzaam van hoeveel tijd kost een advies naar wat is een goed advies waard?

Ook ervaring speelt daarin een rol. “Ik heb twintig jaar werkervaring, dus ik hoop dat ik iets sneller doorgrond dan iemand met twee jaar werkervaring”, zegt Boogerd. AI kan het werk versnellen, maar de ervaring om de juiste vraag te stellen, de uitkomst goed te beoordelen en te weten wanneer iets niet klopt, blijft minstens zo belangrijk.

Je moet eerst junior zijn om senior te worden

En precies daar ontstaat een volgende uitdaging. Want juist de werkzaamheden die AI steeds makkelijker kan overnemen, zijn vaak de werkzaamheden waarmee jonge accountants het vak leren. Aansluitingen maken, controles uitvoeren en gegevens uitzoeken kosten tijd, maar leert een starter wel waar cijfers vandaan komen, hoe processen in elkaar zitten en waar fouten kunnen ontstaan? Als AI die eerste stappen volledig overneemt, wordt het lastiger de ervaring op te bouwen die later nodig is om de uitkomsten van diezelfde technologie kritisch te kunnen beoordelen. Of zoals het tijdens het gesprek treffend wordt

verwoord: “Als je nooit junior bent geweest, hoe kun je dan senior worden?” Voor Tamek is dat juist reden te blijven investeren in jong talent. Rond september begonnen negen nieuwe medewerkers, onder wie drie duale starters, en daarnaast lopen er meerdere studenten rond. Want ook als AI steeds meer werkzaamheden kan overnemen, moeten jonge accountants de kans krijgen om het

vak in de praktijk te leren. Dat levert soms bewust een minder efficiënte keuze op. Jonge medewerkers krijgen werkzaamheden waarvan intern bekend is dat AI of data- analyse ze sneller zou kunnen uitvoeren. Maar eerst zelf leren hoe iets werkt, maakt dat zij later ook beter kunnen beoordelen of wat AI produceert daadwerkelijk klopt.

De huisarts van de ondernemer

Juist wanneer technologie steeds meer cijfermatig werk kan over­ nemen, verwacht Boogerd dat de persoonlijke kant van het accountantsvak belangrijker wordt. Ze noemt de accountant graag “de huisarts van het bedrijfsleven”. “Je zet alle stappen met een ondernemer. Je ziet mensen vader en moeder worden, later opa en oma. Je maakt mee dat ouders overlijden, dat er een erfenis komt of dat ze gaan nadenken over het overdragen van hun bedrijf aan de kinderen. Dat menselijke aspect vind ik het allerleukste van ons werk.” Van de Wetering herkent dat. Ondernemers hebben volgens hem steeds meer behoefte aan een accountant die niet alleen vanuit cijfers en compliance antwoord geeft, maar pragmatisch meedenkt en de vraag achter de vraag durft te stellen. En misschien komt bij Tamek juist in die combinatie alles samen. Het kantoor bouwt

voort op een lange historie en sterke persoonlijke relaties met klanten, geeft ruimte voor onder­nemerschap en investeert tegelijkertijd volop in nieuwe tech­ nologie. Die technologie verandert het werk, maar niet waar het uiteindelijk om draait: dichtbij de ondernemer staan, begrijpen wat er speelt en van daaruit meedenken en adviseren.